8-9 oktober 2006
Nu ik net wat gewoon begon te worden aan de Australische tijd, moet ik weer vertrekken. Er staat een reis van zo’n 26 uur voor de boeg, dus blijf ik maar wat liggen tot 9 uur. Snel nog wat laatste zaken in de valies steken, een ontbijtje nuttigen en we zijn klaar om te vertrekken. Lars en ik althans, want nu moeten we afscheid nemen van Anna die nog een tijdje blijft. We houden het afscheid zo kort mogelijk, ik zie dat ze het wat moeilijk heeft om alleen achter te blijven. Het doet me denken aan mijn tijd in Umeå, alleen achter blijven is niet leuk, in een land waar je bijna niemand kent. Maar kom, ze heeft Anders nog. Aangekomen in de luchthaven neem ik ook afscheid van Lars, want zijn vlucht is naar Sydney, dus Domestic. Alleen in de luchthaven begin ik wat na te denken over de voorbije dagen. Aan de ene kant is het jammer dat ik terug moet, maar ik begin ook heel erg naar thuis te verlangen. Nu kan het niet rap genoeg gaan. Andreas, papa komt naar huis, hoor. De vlucht naar Singapore verloopt vrij vlot. De kerel naast mij schijnt een beetje een drankprobleem te hebben, tenzij je 4 Bourbon-Cola’s en twee flesjes wijn als normaal beschouwt.
Singapore, nu nog ongezonder dan op de heenreis. Wat moet ik hier twee uur zitten doen? Een koffie dan maar, ik betaal met mijn kaart, want ik heb geen Singaporiaanse dollars bij me. Even alle winkeltjes afgeschuimd. Hé, wat is dat, een Canon 400D, wow, ‘t is hier goedkoop, maar ik weersta snel aan de verleiding. Nog een paar jaar geduld…
Wireless connecteren gaat niet en mijn boek uitlezen wil ik graag voor op het vliegtuig houden. Dan maar even de foto’s van de reis bekijken, en nu voel ik al de drang om terug te keren. Ik bel even naar Sophie’s moeder, want die is jarig vandaag (snel mijn uurwerk controlerend voor oriëntatie in de tijd). Ze is verrast met een telefoontje van de andere kant van de wereld. Aan de ‘gate’ zit ik nog wat terug te denken aan de voorbije week en hoe goed we het daar hadden. One big Volvo Family!
Terug in Brussel, op de trein naar Gent (want ze zijn natuurlijk mijn taxi vergeten boeken). Als ik aankom in Brussel Zuid denk ik: “Goed geprobeerd België”. Een paar lage wolkenkrabbertjes van een nipte miljoenenstad proberen hier tevergeefs naar de hemel te reiken, onwetend dat er 16000 kilometer verder een stad is van twee maal zo groot, met echte wolkenkrabbers. Het is net een soort miniatuur Brisbane CBD. België is een klein onschuldig landje. Je zou er bijna filosofisch van worden. Het is toch bijna niet te geloven dat de wereld écht ‘my playground’ is.
Gent… ik ben bijna thuis, of nee, ik bén al thuis. Dit is mijn stad, al zeg ik nu al: “Australië! Ooit kom ik terug.”
The end.
The whole story? Part 1 2 3 4 5 6 7 8