RotW: Expo

Ik ga nog maar eens een Revelation of the Week posten, ‘t is lang geleden: Expo.

Juist geteld één keer hoorde ik het nummertje van deze (alweer Gentse) synth/electro band: I don’t mind en ik was al direct verkocht. Ik had er voordien nog nooit van gehoord, maar iets zegt mij dat dit niet de laatste keer zal zijn. Dit is een bijzonder catchy muziekje. Als ik de gasten en dames van StuBru wat ken, zal Expo daar ook nog wel wat airplay kunnen versieren. Ik kijk in elk geval al uit naar hun eerste EP/LP. En maybe, just maybe zie ik ze op de Gentse Feesten, wie weet. Now listen to this…

RotW: Sherman

Hoog tijd om nog eens een Revelation of the Week te publishen, want deze gasten (die ik door een gelukkig toeval live kon ontdekken) zijn goed bezig. Je zal er nog van horen.

Revelation of the Week: Sherman

Het was op de neiuwjaarsreceptie van de Alumni van de Hogeschool Gent. Normaal gezien zou Amatorski komen, maar door omstandigheden konden ze niet aanwezig zijn, waardoor deze band hun plaats moest innemen. Ik had “On your side” al eens gehoord op de radio, maar de wall of sound die ze live veroorzaakten was natuurlijk nog een stuk beter. Naar goede gewoonte was de drummer van de band een gast met een hoog nerd-gehalte wat mijn maat en ik als goede IT-ers natuurlijk de max vonden.

En voor hun videoclip hebben ze de schoonste stad van België gepakt. Watch here: Sherman – On your side (YouTube)

Gents materiaal. Goe bezig! Keep it up…

Front 242 / A Split Second

Door alle verbouwingen heen, vond ik nog ergens een gaatje om wat muziek-cultuur mee te pikken. Cultuur in de brede zin van het woord dan toch, want de mooie concertzaal van de Vooruit stond in schril contrast met de gebeurtenissen binnenin. Dit moet een van de zwaarste concerten zijn die ik ooit meemaakte. Toegegeven, ik ben niet veel gewoon op dat gebied, maar ik was nog maar 30 seconden in de zaal en ik wist dat ik de vreemde eend in de bijt was met mijn schoon vestje. Het zag er nogal “zwart” van het volk. Wat Gothic bitches en Metal dudes met daartussen nog enkele Industrial-Electro gasten. Kortom, niet bepaald het publiek dat normaal naar een Jazz-concertje zou gaan kijken.

Het voorprogramma van A Split Second was al vrij zwaar, ‘t is te zeggen: men neme een soort Terminator spierbal (inclusief spiegelende zonnebril en leren jas) en je laat hem wat gay-moves doen op de tonen van een soort muziek die mijn ma beslist als “ruis” zou omschrijven. Laat hem dan nog even zijn sampler wat misbruiken met alles wat hij vindt (inclusief zijn hoofd) en je krijgt behoorlijk wat ambiance om het publiek klaar te stomen voor het echte werk van Front 242. Eigenlijk schreven die gasten serieuze geschiedenis (ongewild welliswaar) want hun debuutsingle ligt aan de basis van de New Beat (hier in Gent dan nog wel) omdat een DJ het plaatje ooit draaide op 33 toeren ipv. 45. Flesh was dan ook het hoogtepunt van hun show vond ik.

Voor de rest vond ik A Split Second soms maar een flauw afkooksel van Front 242. Die laatste hadden nog maar één noot gespeeld en het beest in de massa kwam vrij. Het was meedoen of sterven. Je kon je maar beter laten meeslepen door de massa die meters heen en weer zweefde op de eerder trage dark-electro en heavy industrial beats. Een unieke ervaring moet ik zeggen. De blauwe plekken neem ik er graag bij, want het was wel degelijk de moeite. “Im rythmus bleiben” was de boodschap. Meteen werd duidelijk waarom er een B in EBM staat (Electronic Body Music), een muziekstijl waar alweer wij Belgen fier mogen over zijn, want alles begon hier. Alhoewel er heel duidelijk een knipoog naar de echte meesters van de Electro werd getrokken: het Kraftwerk-effect was goed aanwezig in bijna elk nummer, zonder de maatpakken dan. Maar ook een stevige Industrial sound die even goed uit onze Volvo-fabriek zou kunnen komen zorgde voor de nodige samples om EBM te maken tot wat het was. De video-wall versterkte het massa gevoel nog door ons onder te dompelen in een soort totalitaire 1984 scène. Maar in plaats van gedisciplineerd te zitten luisteren naar Big Brother was het de bedoeling om rond te staan springen als gekken op de daverende electro-beat, steeds op ons hoede zijnd voor rondvliegende ledematen.

Moe en nat van het zweet begaf ik me door de vrieskou naar huis. Alweer een geslaagde avond… ‘k heb goed geslapen.

Bebel Gilberto @ Handelsbeurs

Haar roots heeft ze alvast mee, deze Braziliaanse. Als dochter van João Gilberto en Miúcha, twee van de grote artiesten in Brazilië, en met invloed van nonkel Chico Buarque, zal de muziek er wel met de paplepel ingelepeld zijn. Ik had deze zangeres reeds enkele jaren geleden ontdekt, alweer onder goede invloed van mijn papa (waarvoor dank) die me de Braziliaanse bossa nova en samba van “De Groten van de jaren 60″ leerde kennen: Antonio Carlos Gobim, Sergio Mendes, João en Astrud Gilberto, enz… Al gauw ontwikkelde ik een lichte voorkeur voor de iets modernere soort, die tegenwoordig MPB (Música Popular Brasileira) wordt genoemd: Suba, Zuco 103, Celso Fonséca, BossaCucaNova en dus ook deze Bebel. Al moet ik zeggen, dikwijls teert de nieuwe generatie nog op het succes van hun voorouders, met nieuwere versie van dezelfde nummers.

Ik had me B.G. altijd voorgesteld als een stil meisken, de verwondering was dan ook vrij groot dat er een vrouw van in de 40 op het podium verscheen die ofwel redelijk geschift ofwel licht beschonken was, maar vermoedelijk een beetje allebei. Het woord “zweefteef” zegt sommigen onder jullie misschien wel iets, de anderen kunnen er zich wel iets bij voorstellen. De muziek was super, de muzikanten in maatpak en das konden wel een mooi nootje neerzetten. “Jackie Chan” op de gitaar, en dan nog drie andere op keyboards, drums en blaasinstrumenten. In het begin bleef het publiek vrij kalm, ook nadat Bebel ons had gezegd dat we haar niet al te serieus moesten nemen. Het was een zittend concert, misschien had dat er wel mee te maken.

Het grootste deel van de nummers was van haar laatste CD, wat begrijpelijk is, maar ook grote successen uit haar vorige LP’s kwamen aan bod. Eén nummer had ik graag gehoord, maar bleef jammer genoeg achterwege, zelfs niet na de twee re-appearances onder druk van het publiek die intussen wat enthousiaster geworden was. Ik zal Tanto Tempo dus nog eens op de pick-up moeten opleggen :-)

Eindconclusie: ‘t was goed.

Filmfestival: Food, inc.

food-inc-posterDat er iets mis was met onze voedselindustrie wist ik al lang. Waarom zouden anders bio- en en lokale producten duurder zijn dan de “normale”? Als je al van normaal kan spreken. Want na het zien van deze film weet men dat het gewone voedsel dat jij en ik eten, niets meer te maken heeft met “het beest” of “het gewas” waar het van gemaakt is, maar alles met “zo snel mogelijk, zo groot mogelijk en zo goedkoop mogelijk”. Wat het ook kost.

Normaal gezien zouden de bio-producten goedkoper moeten zijn, want die verbruiken zoveel grondstoffen niet om tot het afgewerkte product te komen, die hebben minder transporten nodig, gebruiken minder chemicaliën, minder high-tech trucjes om de boel onder controle te houden, staan dichter bij de consument, kortom hebben een kleinere impact op onze wereld. Maar neen… read this and be shocked!

Hopelijk is het probleem groter in de VS dan hier, want de film ging vooral over “het beloofde land“, maar ik ben er van overtuigd dat er in Europa iets gelijkaardigs aan de gang is. Het lijkt bijna op een complot, maar jammer genoeg is het de realiteit. De consument betaalt niet datgene dat hij zou moeten betalen voor de massa-geproduceerde voeding, de prijs wordt kunstmatig laag gehouden. Daar zit de lobby van de grote firma’s tussen, alsook de subsidies van de staat (die naar de verkeerde bedrijven gaan), ook gaat het om massaproductie die by default goedkoper is, maar de uitbuiting van mens, dier en milieu doorheen de ganse ketting is het grootste aspect. De grote fabrikanten (en er zijn er maar weinig, want de overdonderende keuze in onze supermarkten is slechts een illusie) hebben geen greintje respect voor hun product (dieren zijn al lang geen dieren meer, maar producten, ook als ze nog leven) of voor hun medewerkers. Nutteloze transporten naar reuze-fabrieken waar lage-loonwerkers behandeld worden als machines, ziektes met moeite onder controle gehouden worden (onder toezicht van half corrupte controle-organen), landbouwbedrijven waar gedegenereerde beesten tot hun knieën in de stront voedsel eten waar ze niet voor geschikt zijn om in zo kort mogelijke tijd “volwassen” te worden. Allerhande problemen steken daarbij de kop op waarbij nooit gekeken wordt naar de oorzaak, maar waarvoor er een high-tech lapmiddel wordt opgezet om de doorlooptijd zeker niet te verminderen. Nooit is het nog “Waar zijn we mee bezig?“, altijd “Hoe lossen we dit op?“. Resultaat: wij eten geen vlees meer, maar een chemisch en kunstmatig gemaakt iets dat op vlees moet lijken. De prijs die we betalen in de winkel zou wel 20x zo groot moeten zijn als we de milieu impact er zouden bij moeten betalen. (Maar dat wisten we al van The Story of Stuff, watch it!)

En in het geval van de VS komt daar nog een probleempje bij: dat van de genetisch gemanipuleerde gewassen. Nu niet bepaald iets om beschaamd over te zijn als het de honger uit de wereld kan helpen, maar daar wringt het schoentje. De bedrijven die de patenten in handen hebben zijn ware maffia, die er enkel op uit zijn om rijk te worden, ten koste van de kleine boer die “traditioneel” zijn gewassen van goed kwaliteit houdt. De harde concurrentiestrijd is langs geen kanten in evenwicht en de grote producenten zetten de kleinere onder druk en die moeten buigen of barsten.

Hoe moeten we dit nu veranderen? We moeten toch eten, niet? Wel, als we onze distributeurs mogen geloven zullen die altijd verkopen wat de consument vraagt (al heb ik eerder het idee dat die sterk beïnvloed worden van hun leveranciers). Dus mensen, aub.:

  • Consumeer in de eerste plaats minder, we eten te veel
  • Koop bio- of lokale producten, ook al zijn die momenteel nog ietsje duurder
  • Sta even stil bij welke lange weg uw voedsel heeft afgelegd voor het op je bord ligt

Dit is een must-see film: ik geef hem 8.5 op 10.

Filmfestival: Det enda rationella

Of, A Rational Solution. Twee koppels, de mannen zijn vrienden en collega’s, de vrouwen werken op dezelfde school. Maar wat gebeurt er als een van de twee een relatie krijgt met de partner van de andere? Aangezien ze naar eigen zeggen “volwassen mensen” zijn, denken ze het probleem rationeel te kunnen oplossen. Verliefdheid is immers “een gevoel van voorbijgaande aard” en ze besluiten om alle vier onder een dak te gaan wonen tot de affaire vanzelf overgaat. Dat is echter niet volledig naar de zin van de twee “bedrogenen”, maar ze beloven het toch te proberen. Je raad het al, dit loopt compleet uit de hand en op het einde van de film is de situatie helemaal onhoudbaar.

Net als veel Zweedse films slaagt de regisseur (Jörgen Bergmark) een goed beeld te geven over de relatie tussen de personages. Een sociaal drama zou je het kunnen noemen, maar dan zonder het drama (wat meestal niet het geval is met Zweedse films), af en toe moest ik zelfs lachen (ja, luidop). De acteurs zetten werkelijk een héél goeie prestatie neer, niet alleen Rolf Lassgård die tegenwoordig in echt alles meedoet wat ook maar iets of wat ruikt naar Zweedse film of serie, maar ook de anderen (ook niet van de minste) zijn super.

In de gietende regen kwam ik druppend nat aan in een schitterend vernieuwde Kinepolis (ja, kweetet, het was een tijdje geleden dat ik daar geweest was). Dit was weer eens de ideale gelegenheid (en jammer genoeg de enige in deze editie van het festival) om mijn Zweeds wat op pijl te houden, al maakten ze het me niet gemakkelijk met die stomme Engelse en Nederlandse ontertitels :-) Alweer een 7 op 10!

Filmfestival: Dongbei, Dongbei

Het 36ste filmfestival van Gent is intussen van start gegaan. Met enige fierheid mogen we zeggen dat dit een van de grotere filmfestivals is. Niet bepaald Cannes of Berlijn, maar eens per jaar staat Gent toch ook op de film-kaart. We hebben zelfs een award dat wél wereldberoemd en de grootste is, de prijs voor de filmmuziek: de World Soundtrack Awards.

Gisteren ging ik dus voor de eerste keer dit jaar: Dongbei, Dongbei. Een prent over een meisje (Xue) in Noord-China (vandaar de Engelse titel: A Northern Chinese Girl). Het was de debuutfilm van de (eerder amateur and self-made) regisseur Zou Peng, die trouwens aanwezig was in de zaal. Onze trouwe filmkenner Roel Van Bambost probeerde hem te interviewen met behulp van een tolk en daaruit leerden we eigenlijk wel leuke achtergrondsinformatie.

Film-technisch was het een heel geslaagde film vond ik: een amateuristische indruk, heel gewaagde (maar ook geslaagde) tegenlichtopnames van een verkommerde en uitgeleefde stad in China. Uit het interview bleek dat het om een snel ontwikkelende streek ging (en tevens de geboortestreek van de regisseur), maar ik kreeg toch de indruk dat de mensen daar wat wezenloos door het leven gaan. Zoals in veel Chinese films slaagt Peng er ook hier in om een verhaaltje vast te leggen dat over het dagelijkse leven gaat, zonder dat er écht iets werldschokkends gebeurt. (Met uitzondering van de (op het eerste zicht) onrelevante stukjes cabaret die, gezien het hoog “foutgehalte”, wel voor enig geglimlach zorgden in de zaal). De gewone gemiddelde mensen, op doordeweekse dagen in een gewone (eerder saaie) stad, dat is Dongbei, Dongbei. Daartussen loopt een meisje dat wat op zoek is naar haar eigen leven en die (jammer genoeg) eerder een verkeerd spoor neemt, namelijk dat van personal call-girl (een groot woord) van een rijk ventje die denkt dat hij het voor het zeggen heeft over alles en iedereen.

Mooi, niet de beste film die ik ooit zag, maar wel mooi genoeg voor een 7/10.

Een dagje Brussel + Jaloa

Vrijdag zijn we er even tussenuit geknepen naar de grote stad: Brussel dus. Eco-bewust zoals we zijn, uiteraard met de trein. :-) Toegegeven, het etentje tijdens de middag was eerder het omgekeerde van sustainable en ecologisch verantwoord, want in de keukens van dergelijke etablissementen zoals Jaloa, gaat het er meestal niet al te “groen” aan toe. Maar kom, een mens moet ook nog kunnen genieten, en dank zij de bijzonder leuke attentie van ons reisbureau (waar we onze Kreta-reis hadden geboekt), kregen we een fikse korting op de vrij gepeperde rekening achteraf. Anders waren we hier waarschijnlijk nooit gekomen.

Het restaurant in kwestie, Jaloa dus, bevindt zich op de Place Sainte-Cathérine, bekend om zijn vele restaurants, dikwijls met vis als hoofdingrediënt van hun menu’s. De barman liet ons een tafeltje uitkiezen in hun vrij grote tuin, iets wat men in hartje Brussel niet zou verwachten. We kozen de lunch, een driegangen-menu dat ons bijzonder minimalistisch geserveerd werd. De ingrediënten waren van een uitzonderlijke (doch enorm lekkere) keuze, bijvoorbeeld: de pastinaak. Het stukje vis, waarvan de naam me nu ontsnapt, was uitstekend klaargemaakt. Een coulisje sierde het bord. Kortom, pure klasse. Maar dat mag wel verwacht worden bij een Jeune restaurateur d’Europe.

Een grote eter zal er geen gevulde maag aan overgehouden en zelfs een matige eter zoals ik kon nog een dessertje verdragen. Een bijzonder lekker dessertje zelfs: een of andere exotische sorbet met een boekje van witte chocolade en aardbeien. Bovendien getuigde de koffie van goed smaak, want het was Nespresso.

De rest van de dag verliep zoals gewoonlijk als we naar Brussel gaan. Wat rondkuieren in de winkelstraten en -centra. De Waterstones (English Bookshop) op de Avenue Adolphe Max niet vergeten. Koffie gaan drinken (deze keer bij Charli, een bakker die ook koffie schenkt, maar waar het wifi-netwerk helaas beveiligd is, NERD ALERT !). Een dagje ontspanning was bijzonder welkom.

Lokerse Feesten: Etienne de Crecy, Orbital

In English, because I feel like it. And because writing about Orbital in Dutch is like writing about Shakespeare in Chinese :-)

pound 2 (pound)
v. pound·ed, pound·ing, pounds
v.intr.
1. To strike vigorous, repeated blows
2. To move along heavily and noisily
3. To pulsate rapidly and heavily; throb

Some will say I’m crazy, but it was my first time @ Lokerse Feesten. Maybe it’s because I’m from Ghent and when you’re from Ghent, there is only one real festival: Gentse Feesten! But this year, I had to go. Orbital (GB) came. After been away for quite some time (BBC Maida Vale Studios 2004), they came to Belgium, and so close, this I had to see.

Etienne de Crecy
The ticket I had was valid for the whole evening so I also saw Etienne de Crecy, a Frenchman I had never heard of before but who turned out to be rather good. Electro, a bit sterile and “programmed”, but with a light show I had never seen before. He was standing in the middle of some kind of “Tron-infied” giant cube, lined with LEDs and covered in fabric. (People who don’t know what I’m talking about, forget it, Tron is a film). The multi-coloured 3D effect was extraordinary spectacular (see YouTube)

Orbital
And then: Orbital. I’m surprised how little people have ever heard of them in Belgium, although they were among the biggest names in the business in England. Their show was simple phenomenal. The LEDs on the side of their heads have become a trade mark, but apart from that, the light show was brilliant. The loops were perfect, standing still was an impossibility. All classics were played: Chime, Satan, Halcyon, The box, etc… The end of the show was unforgettable, the Orbital version of the Ron Grainer’s Dr. Who theme song. Rave on!

Lokerse Feesten
Over-all, the Lokerse Feesten were nothing like I had expected. The concert area was just like a real summer festival and although the name resembles the name of the Gentse Feesten it’s something completely different. The noise-level was above normal. For readers of the Hitch Hicker’s Guide to the Galaxy: it was Hotblack Desiato-loud. Unfortunately I had no well built bunker in the vicinity. No human ear can handle this kind of noise. I had to back up (away from the stage) and if I would have had ear-buds I would have used them. Organizers, learn from Ghent, this is too much guys! (Or otherwise, I’m getting old)

But apart from the noise (and from the rather disturbing news I received during the concert): I had a nice evening!

Per Gessle @ Handelsbeurs

Afgelopen zaterdag ben ik samen met mijne moat den Duke nog eens wat cultuur gaan opdoen in de Handelsbeurs. Per Gessle, the man from Roxette, kwam daar optreden. Ik moet zeggen, buiten mijn verwachtingen om zijn er héél veel nummers van Roxette gespeeld. De halve band was ook nog dezelfde, dus het jaren ’80 gehalte was hoog en de Roxette sound van vroeger waren ruim aanwezig. De nieuwe nummers waren echter ook heel goed, compleet in dezelfde stijl.

Den Per zelf had een zeker gay-gehalte dat vaag deed denken aan een rock-band van Engeland uit de jaren ’70, compleet met spannende jeans, gelakte nagels en scheve tanden. Hij genoot er volop van om het publiek te laten genieten, zoveel was wel duidelijk, de dandy! Ik denk dat het tegenwoordig ook verplicht is om een of andere nerd in je orkest te hebben. In dit geval was het de keyboard-gast (eigenlijk is het nog soms de keyboard-gast, cfr. Garland of anders de vibraphone-gast, cfr. Koop) die met een soort Turks hoedje op de show stond te stelen en als enige ook pinten stond te drinken ipv. water/cola. Er stond ook een poedel op het podium, maar later meer daarover…

De sfeer en ambiance zat er in van de eerste noot totdat ze tot twee maal toe bis-nummers brachten. Publiek noch band wist van ophouden en op geen enkel ogenblik kreeg ik de indruk alsof het Per beu was om nog maar eens die nummers van Roxette te moeten spelen. Hij bracht ze nog alsof hij ze net had geschreven.

Martinique
Het voorprogramma bestond uit een liedje of 5 van Martinique, een projectje uit het hoge noorden. Ik denk dat hij ook daar vrij onbekend is, dat liet hij in elk geval uitschijnen met zijn zeer timide uitstraling. Die Martinique (echte naam Martin Nilsson) is blijkbaar de man van de achtergrondszangeres van de Per. Helena Josefsson, een Zweedse zotte blaar die niets anders deed dan Magnus (de bassist) verleiden en op het podium heen en weer huppelen met een twee maten te klein glitterend gouden kleedje en een poedelkop-kapsel die de helft van haar gezicht bedekt. (Pas op, haar zangtalenten waren ook niet mis) Vandaar dat die gast in het voorprogramma mocht zingen, dat verklaart veel. De muziek was niet slecht, de zang evenmin, zij het misschien een octaaf of twee te hoog. Precies een manneken dat zijn mannelijkheid op 13-jarige leeftijd onder dwang heeft moeten afstaan om zijn stemmeken te behouden. De robot-moves waren op zijn minst gezegd gewaagd voor een publiek die vol ongeduld stond te wachten op de “muur van rock-geluid” die hen even laten zou tegemoet komen.

Alweer een geslaagde avond! The pictures here or here.